BT-27 Januari ’89 – sp

Afzetterij in het buitenland

Zomer ’77. Op mijn licht gechopte (laag, kaal en compact) Triumph gassen we met hoge snelheden door Frankrijk en Spanje. De Trident gedraagt zich aardig goed. In midden-Frankrijk demonteer ik de koppeling – die in tegenstelling tot de Bonneville niet gewoon in de primaire bak zit maar in een apart ‘droog’ huis tussen de primaire bak en de versnellingsbak – omdat ie bij veel gas geven begon te slippen. Thuis of in een goeie werkplaats is dat niet zo’n moeilijke klus maar On The Road is dat een stuk lastiger. Inclusief gereedschap lenen en tussendoor terras-zitten en biertjes drinken kost het me anderhalve dag, dan zit het spul weer in elkaar en alles functioneert naar behoren. Er volgen een paar duizend pechvrije en snelle kilometers als ie in Noord Spanje (één van mijn favoriete streken zoals u wel licht weet) op pakweg anderhalve cilinder gaat lopen. Ik weet tamelijk zeker dat het een elektries probleem is maar kan het niet vinden. We zijn gestrand in een klein dorp dat Sanguesa heet en via via kom ik bij de plaatselijke Renault dealer terecht alwaar de chef-monteur zich met het probleem bezig houdt. De hele zaterdagmiddag probeert ie van alles maar vindt geen oorzaak. De chef-monteur hanteert het no cure, no pay principe en wil geen geld van mij aannemen. Des avonds komen we hem toevallig in de lokale bar tegen en ik koop een paar bieren voor hem maar we krijgen er minstens zo veel terug; geen eer aan te behalen aan die man.
Maandagochtend gaat de Trident per vrachtwagen naar Pamplona waar een grote motorzaak zit. De baas van die zaak – veel te modieus gekleed en met heel schone kantoorhandjes – zegt dat we overmorgen maar es terug moeten komen maar daar stinkt deze jongen niet in. Een monteur gaat evenwel direct aan de slag en ik blijf er bij en lees voor uit het werkplaatshandboek. Ook deze man zoekt zich helemaal suf en begint met groot enthousiasme onderdelen te vervangen; o.a. nieuwe condensatoren en bobines, alsof het allemaal geen geld kost. 
Na een uur of vier vindt de monteur bij toeval een draadje dat niet fris is. De draad wordt vervangen en de motor loopt weer als een zonnetje. Monteur blij en trots, ik blij, verkering ook blij. Drie minuten later reeds komt de LaCoste v halstrui de rekening brengen en van het totaalbedrag wordt ik even lichtelijk onpasselijk. Zo veel geld hebben we niet eens meer terwijl we ook nog terug naar Olland moeten. In mijn beste spaans (dat toen nog erg slecht was) wijs ik op de rekening aan wat ik allemaal niet wil betalen. De LaCoste trui schiet op zijn beurt in de stress en begint te roepen dat ie de politie erbij haalt en rent naar zijn kantoor. Ik vis alle originele onderdelen uit de afvalbak en schroef ze er weer op. De nieuwe onderdelen stop ik weer in de verpakkingen en breng ze terug naar het magazijn. Na nog wat heen en weer schelden in minstens drie talen schrijft de LaCoste trui een nieuwe rekening waarop alleen nog arbeidsloon staat maar wel een uur te veel. Ik haal de monteur er bij, we wijzen op de klok en op mijn horloge en dat uur te veel gaat er ook af. Op de laatste versie die ik uiteindelijk betaal staat een heel fors uurloon dat zelfs een spaanse minister toendertijd niet verdiende maar alla, ik had daar van te voren naar moeten vragen.

Die zien we nooit meer terug

Afzetterij in het buitenland komt helaas steeds meer voor, niet alleen in motorzaken en garages maar net zo goed in restaurants en hotels. Het feit dat je de taal niet spreekt, dat je op vakantie bent dus geen gezeur wil en zo gauw mogelijk verder wilt wordt soms schaamteloos uitgebuit. Bovendien wordt er geredeneerd ‘die zien we toch nooit meer terug’ en dat klopt ook natuurlijk. Als de reparatie goed gebeurd kom je voorlopig niet weer terug en als ie slecht gebeurt en voor te veel geld kom je in ieder geval nooit meer terug. 
Ik schud zo nog tien verhalen zoals hier boven uit mijn mouw, deels eigen ervaring en deels van anderen. Harley importeur Greenib onderzoekt op het moment hoe iemand 1200 gulden heeft kunnen/moeten betalen voor 1 (één!) nieuwe bobine voor een Harley Softail die deze zomer strandde in Oostenrijk.

Voor de buitenlandtoeristen onder de lezers heb ik een paar tips die veel geld en ellende kunnen besparen:
– Maak voor je op pad gaat een deal met de motorzaak (in Olland) waar je vaste klant bent. Laat desgewenst een garantiebedragje achter en vraag of ze in geval van pech zo gauw mogelijk het te vervangen onderdeel opsturen. Dat lijkt omslachtig maar betekent in negen van de tien gevallen dat je je spul veel eerder hebt dan dat je ter plekke op jacht gaat. 
– Laat je kapotte motorfiets nooit achter bij een (motor)zaak. Blijf in de buurt, hou em in het zicht zodat je kan zien wat er aan gebeurd en hoe lang ze er aan werken. Trek je nix aan van geleuter dat klanten niet in de werkplaats mogen, een goeie zaak heeft nix te verbergen en zelfs als je geen verstand van je motorfiets hebt kun je toch voorkomen dat ze die prachtig gepolijste primaire bak deksel met de bolle kant op een ruwe stenen vloer leggen en je kunt het aantal uren bijhouden. 
– Vraag van te voren wat dingen kosten; transport van je motorfiets, onderdelen, arbeidsloon etc., en of dat inclusief belasting, servicekosten en god mag weten wat voor kul ze nog meer kunnen verzinnen, is. 
– Controleer altijd de rekening en laat je alles wat je niet begrijpt of kunt lezen uitleggen en voorrekenen. Als je protesteert tegen een te hoog bedrag of weigert te betalen laat je dan niet intimideren door de dreiging dat ze de plietsies er bij halen. Als afzetterij duidelijk aantoonbaar is halen ze er namelijk nooit de politie bij.

Cervezas por Kees

Het klinkt allemaal erg negatief en ik durf ook gerust te stellen dat het in veel landen triest gesteld is met service en reparaties maar ik heb ook heel veel goeie ervaringen, uiteraard vaak in die zelfde landen zodat we (helaas) niet kunnen zeggen ‘Pas op voor dat of dat volk’, zo gemakkelijk is het niet. Je moet overal oppassen en vooral goed dwars gaan liggen als je denkt of zeker weet dat ze je naaien. Ik hoop dat lezers die gouden tips hebben op dit gebied ze even op papier willen zetten en ze mij opsturen (Kees p.a. Bigtwin, postbus 256, 4100 AG Culemborg) en dan plaatsen we vlak voor de zomer deze en nieuwe tips nog een keer. Van het geld dat u zich dankzij deze tips bespaard in de komende zomers kunt u cervezas en dergelijke voor mij kopen. Voorlopig kun je de winterperiode nog benutten om je Grand Tourismo in topconditie te brengen zodat de kans op pech zo klein mogelijk blijft.

Share this: